Dreigend gevaar »

    Risico's

    Het Nederlandse spoorwegnet is, zoals gezegd, een van de veiligste van Europa. Iedereen die bij spoorwegen werkt, er gebruik van maakt, of op enigerlei wijze betrokken is, moet zich ervan bewust zijn dat het gaat om een systeem dat zeer veilig is gebleken doordat het bewust zijn van gevaren nooit afwezig is en de veiligheid tot in detail is geregeld. Vrijwel steeds handelen alle betrokkenen ook in die geest. Zodra men er ergens de hand mee licht, is er gevaar. Dit geldt niet alleen voor spoorwegpersoneel, maar ook voor de reiziger.

    De tentoonstelling gaat in op de risico's die de spoorwegen in zich dragen:

    • Ongevallen en hun gevolgen

    • Transport gevaarlijke stoffen

    • Overwegen

    Veiligheid - risico - spoorwegovergangheilooVeiligheid - risico - overwegwachteresVeiligheid - risico - 2485_spoorwegovergang_roodlichtcamera_ca._1984
    Overwegen »

    De meeste dodelijke slachtoffers vallen op de overwegen, die nog altijd de gevaarlijkste punten van het spoorwegnet vormen. Ondanks de jarenlange campagnes die NS voert om het gedrag van weggebruikers te veranderen, verongelukken jaarlijks nog altijd zo’n 18 personen door onvoorzichtig rijgedrag op overwegen.

    Automatische knipperlichtinstallaties

    • Vanaf het allereerste begin waren er natuurlijk wegen die de spoorbaan kruisten. Daar werden ‘overwegen’ aangelegd. Bij elke overweg was een wachter werkzaam en de overwegen werden met houten hekken volledig afgesloten.
    • Vanaf 1922 kwamen er onbewaakte overwegen waar het zogeheten Andreaskruis zijn intrede deed.
    • Voor deze gevaarlijke punten werden in 1929 de allereerste AKI’s in gebruik genomen: de Automatische Knipperlicht Installaties. Deze waarschuwden voor de komst van een trein. De eerste AKI’s voldeden echter nog niet echt aangezien ze voortdurend knipperden.
    • In 1936 werd een automatische knipperlichtinstallatie bij Steenwijk geplaatst die door de trein zelf bediend werd. Zodra de trein naderde, gingen de lichten van de overweg rood knipperen en klonken waarschuwingsbellen. Probleem was dat automobilisten de waarschuwing soms gewoon negeerden!

    Automatische Halve OverwegBomen (AHOBS)

    • In 1948 werden de eerste proeven genomen met Automatische Halve OverwegBomen (AHOBS). Net als bij AKI’s worden deze spoorbomen door de trein zelf bediend; op het moment dat een trein een overweg nadert, gaan de lichten knipperen en de spoorbomen dicht.
    • Het tussen de spoorbomen door slalommen bleef echter een probleem. Er waren verschillende campagnes voor nodig om weggebruikers van de gevaren van zulk rijgedrag te doordringen.
    Transport gevaarlijke stoffen »
    Transport van gevaarlijke stoffen houdt weliswaar geen risico in voor reizigers, maar is potentieel gevaarlijk voor het treinpersoneel en de mensen die vlak bij (goederen-) spoorwegen wonen.
    Het spoorvervoer van gevaarlijke stoffen is dan ook gebonden aan een strenge, internationale regelgeving.

    Gevaarborden
    Een goed zichtbaar voorbeeld daarvan zijn de oranje gevaarborden op de zijkant van veel ketelwagens. Zij vertellen hulpverleners wat de lading is en welk gevaar de lading inhoudt. Voor elke soort gevaarlijke stof is precies voorgeschreven hoe deze moet worden vervoerd.

    Vergunningen
    Daarnaast gelden tal van milieuvergunningen voor de emplacementen waar met gevaarlijke stoffen wordt gerangeerd. Deze zijn helemaal afgestemd op de plaatselijke situatie. De infrabeheerder is houder van deze milieuvergunningen.
    Veiligheid - risico - spoorwegmuseum_k04-13677_xVeiligheid - risico - spoorwegmuseum_k03-13751b_xVeiligheid - risico - spoorwegmuseum_k03-13723h_xVeiligheid - risico - ongevalmetomstanderrs_k01-13716a_xVeiligheid - risico - harmelen_luchtfoto007
    Ongevallen »

    Niet alleen op overwegen, ook op het spoor zelf hebben zich vanaf het prille begin kleinere en grotere spoorwegongevallen voorgedaan. 
    Welke oorzaken kunnen we onderscheiden als het om spoorwegongevallen gaat en tot welke verbetering op het gebied van veiligheid leidden de ongevallen?

    • Missen of verkeerd interpreteren van seinen
    • Defecten van het materieel
    • Gebreken aan de baan (infra)
    • Ongevallen op stations

    FLASH_PLAYER

    FLASH_PLAYER