In lijn met het landelijke beleid met betrekking tot het coronavirus is het Spoorwegmuseum gesloten voor het publiek tot 1 juni 2020.

‘Olifant’ terug in Spoorwegmuseum

Hij trok veel bekijks bij de introductie in 1985. Reizigers konden in de Dubbeldekker ook boven zitten, hoe bijzonder was dat! Al in 2010 nam NS afscheid van deze eerste generatie dubbeldekkers, officieel DDM-1 genaamd. Stuurstandrijtuig de ‘Olifant’ kwam naar het Spoorwegmuseum in Utrecht. Vanwege materieelgebrek ten gevolge van een sneeuwrijke winter werd het rijtuig echter weer uitgeleend aan NS. Inmiddels is de 'Olifant' definitief terug in het Spoorwegmuseum.

Meer capaciteit

Eind jaren zeventig groeide het forensenverkeer explosief. NS moest op zoek naar meer capaciteit. Langere treinen waren geen optie omdat de perronlengte op sommige stations te kort schoot. Al snel werd gekeken naar Frankrijk waar dubbeldekstreinen reden. In oktober 1980 werd als test een Franse dubbeldekker ingezet. Deze bleek echter niet te voldoen in Nederland. De breedte van de zittingen (5 zittingen in de breedte) en de stahoogte boven en beneden van respectievelijk 1,94 en 1,92 meter pasten niet bij de lange Nederlanders.

Nieuw ontwerp

Daarom werd besloten een nieuw ontwerp te maken, waarbij onder andere de stahoogte werd vergroot tot 2,01 meter. De zitplaatsen werden breder en er kwamen 4 i.p.v. 5 stoelen in de breedte. De in 1985 in dienst gestelde serie DDM-1 was de eerste serie dubbeldekstreinen van de NS. Op alle stuurstandrijtuigen was de naam en afbeelding van een bedreigde diersoort aangebracht. Dit was een gezamenlijk initiatief van de NS en het Wereld Natuur Fonds. De afgebeelde dieren waren arend, bizon, cheeta, condor, dolfijn, neushoorn, olifant, ooievaar, otter, panda, tijger, walvis en zeehond. De Olifant is de trein die vanaf komende donderdag weer in het Spoorwegmuseum te zien is.