Draisines

Om het spoor te inspecteren gebruikten opzichters draisines, ook wel spoorfietsen of lorries genoemd. Spoormedewerkers konden hiermee eenvoudig op de plek komen waar iets mis was met bijvoorbeeld de rails of een sein. Ook werden er materialen en kleine gereedschappen mee vervoerd. Door hun relatief lage gewicht was het gemakkelijk om ze van de rails te tillen als er een trein aan kwam. Draisines worden nu niet meer gebruikt: tegenwoordig wordt het spoor geïnspecteerd door treinen met camera’s.

Vier verschillende typen

Aan het plafond van het museum zijn vier verschillende draisines te zien. De spoorfiets van Simplex is de lichtste, hij weegt nauwelijks meer dan twee fietsen. Hij is gemaakt door de Nederlandse fietsfabrikant Simplex. Tot de Tweede Wereldoorlog kwamen ze in het hele land voor. Bij de handwieldraisine brengen twee personen met handels de ketting in beweging die de achterwielen aandrijft. De inspecteurs hoeven zelf geen fysieke inspanning te leveren, zij zitten op het bankje aan de voorkant met zicht op het spoor. De motordraisine of railauto heeft een kleine benzinemotor die voor de voortstuwing zorgt. De inspecteurs konden hiermee sneller rijden en grotere afstanden afleggen. Deze Simplex M.G. is rond 1910 in gebruik geweest bij de Noord-Brabantsch-Duitsche Spoorweg-Maatschappij (NBDS). Het is het enige bewaard gebleven voertuig van die maatschappij. De Velocipede Car is een houten draisinedie door twee tegenover elkaar zittende mensen kan worden bereden. Met hun handen bewogen ze samen een handvat heen en weer dat het achterwiel aandreef. Deze No. 3 Velocipede Car is gebouwd rond 1890 en is daarmee een van de oudst bekende exemplaren van dit type wereldwijd.